Ondeugden

Paarden zijn van nature dieren met een goedaardig karakter. Slechte eigenschappen zijn vaak aangeleerd of het gevolg van stress.

We leerden al dat een paard van nature zo’n 16 uur bezig is met het zoeken naar eten. Als het paard echter de hele dag op stal staat, zonder sociaal contact of afleiding, kan hij zelf een vorm van afleiding zoeken.

Hij maakt daarbij endorfine vrij, een stofje wat rustgevend en verdovend werkt en wat hem een prettig gevoel geeft. Het werkt echter ook verslavend, dus blijft het paard de afleidingsbeweging doen.

 

Kribbebijten en luchtzuigen

Het paard zoekt een plek waar hij zijn tanden kan vastzetten. Je snapt dat dit slecht is voor zijn gebit. Als hij dan ook nog lucht naar binnen zuigt, kan dat het risico op maagzweren vergroten.

Soms kan het ook een gevolg zijn van irritatie in de mond, zeker als je paard aan het wisselen is. Laat de paardentandarts dan ook je paard regelmatig nakijken als je denkt dat dit het geval is.

Weven en rondjes lopen

Ook hier speelt stress, nervositeit of een overmaat aan energie een rol. Bij weven belast het paard afwisselend beide voorbenen, hij wiegt zichzelf als het ware van links naar rechts. Hoe groter de stress hoe groter de beweging.

Als je paard constant of heel vaak rondjes loopt in de stal, dezelfde kant op of heen en weer, is dat natuurlijk erg slecht voor de benen.

Beide aandoeningen zorgen voor vroegtijdige slijtage aan pezen en gewrichten.

Hout eten

Ook dit is weer het gevolg van verveling. Er kunnen echter houtsplinters in de lippen, wangen en tandslijmvlies komen, wat ontsteking kan veroorzaken.

Oplossing?

Zorg voor voldoende beweging en afleiding, en geef het hooi in een slowfeeder, zodat je paard er lang over doet. Een uitlooppaddock bij de stal kan al een heel verschil maken. Hang een speeltje in de stal of zet hem lekker in de wei.

Boosaardigheid

Soms zijn paarden ronduit gevaarlijk, ze proberen je te bijten of te slaan met achter- of voorbenen. Deze vorm van agressie is vaak het gevolg van een onjuiste opvoeding of behandeling. Het paard is bang door de ervaringen uit het verleden, en probeert zich bij voorbaat te verdedigen.

Het vergt erg veel geduld en consequent optreden om dit op te lossen.

Vechten

Zeker als je een nieuw paard in de groep wilt zetten, kan dat leiden tot het bepalen van de rangorde. Doe dat dus geleidelijk aan, laat ze eerst via een tussendraad kennismaken en aan elkaar wennen. Ze kunnen elkaar lelijke bijt- en trapwonden toebrengen. Voorkomen is nog altijd beter dan genezen.

Niet laten vangen.

Ook dit is meestal het gevolg van een onjuiste behandeling in het verleden. Maar soms is het ook gewoon omdat hij jou associeert met iets wat hij niet prettig vindt: werk.

Ga wat vaker de wei in met iets lekkers, zonder hem te willen meenemen.

Loop ook niet recht op hem af, maar schuin in een hoek richting zijn schouder en draai je eigen lichaam met je zijkant naar hem toe.

Hou ook rekening met je eigen gemoedstoestand. Als jij haast hebt, voelt je paard dit feilloos aan en dat helpt niet.

Tip: word niet boos op hem als je hem eindelijk gevangen hebt…. Daarmee vergroot je alleen het probleem.

Soms denk je dat het paard een slechte gewoonte heeft, maar hij heeft bij zijn vorige eigenaar gewoon geleerd anders te reageren. Kijk dus goed wat hij doet en waarom hij dat doet.