Menbewijs theorie V5

Menbewijsexamen versie 5

Voer uw email in:

1. Hoe/waardoor leert het paard?

 
 
 

2. Wat zijn kenmerken van een gezond paard?

 
 
 

3. Waarom is controle belangrijk als je met een paard ment?

 
 
 

4. Als je het tuig afneemt, waarmee begin je dan?

 
 
 

5. Hoe heet het smalle deel van de hals van het rijtuig wat onderdoor kan draaien?

 
 
 

6. Hoe herken je spierbevangenheid?

 
 
 

7. Hoe vaak ademt een paard in rust?

 
 
 

8. Wanneer moet je richting aangeven?

 
 
 

9. Waarom is goede ventilatie in de stal belangrijk?

 
 
 

10. Je rijdt als enige weg van een groep andere ruiters/menners, dan kun je het beste:

 
 
 

11. Welke basisregels gelden in een natuurgebied?

 
 
 

12. Wat is een nadeel van een tweewielig rijtuig?

 
 
 

13. Welke hulp geef je als eerste bij een combinatie van hulpen?

 
 
 

14. Noem een kenmerk van het gezichtsvermogen van het paard:

 
 
 

15. Wat is de belangrijkste functie van hoefbeslag?

 
 
 

16. Wat is het nut van het wassen van een rijtuig na iedere rit?

 
 
 

17. Welke reflector(en) moet(en) er minimaal op een menwagen zijn?

 
 
 

18. Waarom rijd je met een zweng als je paard een borsttuig draagt?

 
 
 

19. Waarom houd je een vuistdikte ruimte tussen de rugriem bij het kruis?

 
 
 

20. Mag je een aangespannen paard vastzetten?

 
 
 

21. Wat is weven?

 
 
 

22. Waar vind je de lendenen bij een paard?

 
 
 

23. Wat is de “stokmaat”?