|
Theorie-examen: Het bij het examen behorende lesboek "Leren rijden voor het Ruiterbewijs" met vragenboek en cd-rom helpt de kandidaat zich voor te bereiden op het theorie-examen. Het examen zelf bestaat uit 35 meerkeuzevragen waarvan de kandidaat er 28 goed moet hebben. De kandidaten krijgen 50 minuten om de vragen te beantwoorden.
Kandidaten met leer- of leesproblemen kunnen een mondeling examen aanvragen. Dit moet wel minimaal 4 weken voor de examendatum worden doorgegeven aan de SRR. Tevens dient een verklaring omtrent dyslexie of leerproblemen te worden overlegd.
Praktijkexamen: De rijproef wordt afgelegd op een buitenterrein van tenminste 3000 m² met maximaal 10 kandidaten tegelijk en omvat de volgende toetsingspunten:
- correct op- en afstijgen, been optillen, stap, draf en galop zowel individueel als in de groep
- doorzitten en lichtrijden, met één hand rijden, draven zonder beugels
- verlichte zit, door smalle doorgang rijden en enkele malen vanuit galop een oxer van 50 cm breed en 60 cm hoog springen
Verkeersrit:
- met groepen van twee kanidaten beurtelings vooroprijdend een rit door de bebouwde kom, waar mogelijk in draf.
- de examinator beoordeelt de kandidaten, maar geeft geen leiding!
- wordt correct richting aangegeven, omgekeken, rekening gehouden met overige weggebruikers, op elkaar gelet
|